Gratis beleggen

“Denk niet wit. Denk niet zwart. Denk niet zwart-wit.” Het is lastig kiezen wat de jaren tachtig hit van Frank Boeijen aandoenlijker maakt: zijn opgeföhnde kuif of zijn pleidooi voor nuance. Zijn pleidooi heeft in elk geval niets aan relevantie verloren. Ook vandaag zijn onder leiding van een Twitterende Donald Trump grijstinten ver te zoeken.

In beleggingsland is er de zwart witte tweespalt tussen passief en actief beleggen. Aanhangers van indexfondsen schermen met overtuigende feiten: hoe langer de termijn hoe kleiner de groep actieve beleggers die de markt verslaat.

Dit komt door de lagere kosten van passief beleggen, waardoor het netto rendement van de gemiddelde passieve belegger wel hoger moet zijn dan dat van zijn actieve tegenpool. En die kosten blijven maar dalen. Fidelity zette onlangs de fondsenmarkt nog op zijn kop door twee gratis indexfondsen aan te bieden.

Actieve beleggers houden echter stug vast aan hun geloof dat je met superieure hand de index voorbij kunt streven. En ze hebben gelijk. Sterker nog: actief beleggen is de enige manier om de markt te verslaan, ook al is de kans dat het je lukt beperkt.

Wat in deze loopgravenoorlog ondergesneeuwd raakt: het belangrijkste ingrediënt voor lange-termijn succes is niet de keuze voor een bepaalde beleggingsstrategie, maar de discipline om je aan je beleggingsplan te houden. De kracht om ook in euforische en onheilspellende tijden niet aan verleidingen en zorgen te bezwijken. Emotionele valkuilen zijn funest voor elke portfolio, of die nou actief of passief is ingericht. 

Gratis beleggen is dus niet genoeg. Je emoties de baas blijven is het belangrijkste. Als je de rust niet kunt bewaren zonder het idee dat iemand constant op je centjes let, kan het zijn dat een actieve vermogensbeheerder beter bij je past. Uiteraard moeten de kosten daarbij acceptabel blijven. Voor anderen zal de rust en ratio van passief beleggen een betere oplossing zijn. Niet zwart-wit dus, maar rustgevend grijs.

We wensen je veel financiële rust,

Marius en Jolmer

Verwacht geen gemiddelde

Schrijver Godfried Bomans grapte ooit: ‘Een statisticus waadde vol vertrouwen door een rivier, die gemiddeld één meter diep was. Hij verdronk.’ Bomans legde de vinger op een zere plek die ook veel beleggers kennen: we verwachten elk jaar weer een gemiddeld rendement. Als het daadwerkelijke rendement vervolgens sterk daarvan afwijkt, gaan we ons zorgen maken.

In de praktijk blijken grote afwijkingen echter meer regel dan uitzondering. Neem de AEX-index die 35 jaar geleden in het leven werd geroepen. Gedurende haar bestaan behaalde de index een gemiddeld jaarrendement van 11 procent inclusief dividenden. Gecorrigeerd voor inflatie komt het gemiddelde cijfer uit op 9 procent per jaar. Dat is precies in lijn met de verwachting van veel beleggers, die zo’n 8 tot 10 procent in hun hoofd hebben.

In de afgelopen 35 jaar landde het daadwerkelijke reële rendement van de AEX echter geen enkele keer tussen de 8 en 10 procent! Extreme uitslagen komen daarentegen wel vaak voor. Van de 27 positieve jaren lagen er bijvoorbeeld maar acht tussen de 0 en 8 procent. Het gemiddelde rendement van de overige 19 groei-jaren? Meer dan 30 procent. Maar juist bij zo’n veelvoorkomende grote positieve uitslag slaat de twijfel bij beleggers toe. ‘Dit is toch niet normaal? Dit kan toch niet zo doorgaan?’

Bij negatieve jaren zien we hetzelfde. Van de acht jaren dat de AEX in het rood dook, gingen er zes met dubbele cijfers onderuit, voor een gemiddeld jaarverlies van bijna 30 procent. Bij zo’n daling van dubbele cijfers slaat de paniek niet zelden toe. Terwijl dus eigenlijk geldt: een tweecijferige beurscorrectie is niets om van op te kijken.

Kortom, verwacht over een termijn van slechts een jaar geen gemiddelde. Net als voor Bomans' statisticus biedt die verwachting beleggers geen houvast, maar is het een potentiële bron van verkeerde keuzes.

AEX chart.png

We wensen je veel financiële rust,

Jolmer en Marius

Poen en groen

Duurzame fondsen timmeren hard aan de weg. Een groeiend aantal beleggers wil niet alleen een goed gevulde beurs, maar ook actief bijdragen aan een schonere aarde en meer rechtvaardigheid. Maar zijn die twee doelen met elkaar te verenigen? 

De financiële industrie probeert twijfelende beleggers gerust te stellen. Bedrijven die goed scoren op Environmental, Social en Governance (ESG) factoren lopen niet alleen minder risico, ze kunnen door zaken als lager grondstofverbruik en een betere reputatie ook rekenen op hogere winsten dan hun vervuilende branchegenoten. De boodschap? Verduurzaam je portefeuille en je bent goed voor de wereld en voor jezelf.

Zowel je brein als je hart gebruiken bij beleggen is prijzenswaardig en kan financieel prima uitpakken. Toch is deze redenering misleidend. Als duidelijk is dat duurzame bedrijven relatief hoge winsten genereren ten opzichte van  gelopen risico’s, wordt dit meteen in de aandelenkoersen verwerkt. Miljoenen beleggers wereldwijd bepalen dagelijks op basis van precies dat soort financiële informatie de ‘evenwichtskoersen’ van beursgenoteerde bedrijven. 

Dat evenwicht wordt echter verstoord als een grote groep beleggers daar een niet-financiële overweging  – zoals een ESG-filter dat vervuilende bedrijven mijdt – aan toevoegt. Het filter zal aandelen van vervuilers mijden en daardoor hun koersen onder de evenwichtskoers laten zakken. Economisch gezien raken ze dus ondergewaardeerd. En een ondergewaardeerde koers betekent een relatief hoog verwacht rendement voor de ‘amorele aandeelhouder’.

Voor duurzame bedrijven geldt precies het omgekeerde. Een breed toegepast ESG filter zal hun koers juist boven de financiële evenwichtskoers opstuwen. Gunstig voor vroege vogels die voor de hausse zijn ingestapt, maar laatkomers kijken aan tegen hogere aankoopkoersen en dus relatief lage beleggingsrendementen.

Dat klinkt misschien onaantrekkelijk, maar is juist goed nieuws voor verduurzaming. Een lager rendement voor beleggers staat gelijk aan lagere financieringslasten voor groene en sociale bedrijven. Die kunnen immers tegen een hoge koers nieuwe aandelen uitgeven en zo goedkoop kapitaal aantrekken om hun duurzame strategie voortvarend verder op te tuigen. En daar was het ESG beleggers als het goed is precies om begonnen. Maar voor diezelfde beleggers is er dus wel degelijk een afweging tussen poen en groen.

We wensen je veel financiële rust,

Marius en Jolmer

Van ketchup naar controle

Eet ik drie weken macaroni met ketchup of neem ik een bijbaantje? Veel complexer was financiële planning niet toen je student was. Eenmaal ouder en met meer inkomen wordt het ingewikkelder. Bij bijna elke financiële beslissing roept een stemmetje in je hoofd: is het wel verstandig dat ik dit geld nu uitgeef, of kan ik het beter opzij zetten voor later?

Er is geen gouden formule voor het juiste antwoord. Iedereen heeft zijn of haar eigen voorkeuren en die veranderen ook nog eens met de jaren. Daarnaast is de toekomst onzeker. Dus ook als je je doel helemaal helder hebt, weet je niet exact hoeveel je moet sparen om daar te komen.

Er zijn wel hulpmiddelen die voorkomen dat je volledig in het duister tast. Iets van een plan, hoe beknopt en grof geschat ook, is de eerste klap. Zet in grote lijnen op papier wat je nu uitgeeft en verdient. Hoe ontwikkelt zich dat de komende jaren en wat voor pensioenpot levert dat voor later op? Doe dit samen met je partner en vraag waar nodig een financiële planner om hulp.

Als je financiële ruimte zoekt, start dan niet bij je boodschappen maar richt je op Grote Zaken, zoals je huis en auto. Aan de andere kant: veel kleine gaatjes kunnen een groot schip laten zinken, dus snij uitgaven weg als ze geen toegevoegde waarde hebben.

Moeite met snijden? Minder uitgeven is niet de enige methode om je pensioenpot te spekken. Je kunt ook een plan maken om meer te gaan verdienen.

Als je periodiek beoordeelt of je planning nog klopt, kun je jezelf de rest van het jaar rust gunnen. Realiseer je bij dit alles dat het makkelijker is om een dure levensstijl aan te nemen dan op te geven. En denk af en toe eens terug aan je studententijd, toen je met alleen macaroni en ketchup toch heel gelukkig was.

We wensen je veel financiële rust, 

Marius en Jolmer
 

Verwacht zonneschijn

Glimlachende mensen. De warmte op je gezicht. Zonlicht is magisch: zelfs van een paar minuten per dag veert je humeur op. Veel mensen zullen roepen: dan leven we mooi in het verkeerde land. Dreigende wolken en regen liggen immers altijd op de loer. Maar is dat pessimisme gerechtvaardigd? Niet volgens het KNMI. Ondanks de matige reputatie van ons weer schijnt de zon bijna elke dag. Zo telde elk jaar tussen 1981 en 2010 gemiddeld 304 dagen met zonnige perioden. Toch blijven we graag klagen over het feit dat het hier ‘altijd’ regent.

Veel beleggers zijn op dit moment negatief over de kansen op een zonnige beurs. Hun pessimisme is niet helemaal ongegrond. Aandelen zijn, met name in Amerika, historisch gezien erg duur ten opzichte van de winsten die er worden gemaakt. En beurzen met hoge waarderingen hebben, gemiddeld genomen, ondermaatse resultaten laten zien in de jaren erna.

Is het daarmee zeker dat er een correctie aankomt, of dat aandelen beslist minder gaan opbrengen dan spaargeld? En zou je nu dus je aandelen moeten verkopen of in ieder geval moeten wachten met instappen?

Als je zo denkt, zeg je feitelijk dat je slimmer bent dan al die honderden miljoenen beleggers die hun aandelen nog niet hebben verkocht. Als een correctie onvermijdelijk is neem je als zittende aandeelhouder tenslotte genoegen met een verwacht negatief rendement. Of je bent gewoon te dom om de donkere wolken te zien die zich aan de horizon hebben opgestapeld.

De werkelijkheid is dat geen belegger in de beurs stapt als hij verwacht daarmee geld te verliezen. Niet dat er nooit correcties zullen komen - de inherente instabiliteit van ons kapitalistische systeem is de reden dat je beloond wordt voor beleggen - maar als je het precieze moment van zo’n schok kon voorzien, was die nu al ingeprijsd.

Met andere woorden, de ‘markt’ verwacht meer beursdagen met zon dan met regen. Tegelijkertijd sluit ze een stevige storm en zelfs een incidentele orkaan niet uit. Anders dan bij het weer kun je die beursbuien echter niet zien hangen. Zelfs niet een dag van te voren. Als belegger kun je daarom beter uitgaan van elke dag een beetje zonneschijn. Aandeelhouders met zo’n optimistische kijk zijn daar op de lange termijn rijkelijk voor beloond.

We wensen je veel financiële rust, 

Marius en Jolmer

Deining is normaal

Stel je zit in je zeilboot. Het is windstil, de Noordzee is glad als een spiegel. Zo dobber je al uren, ontspannen, slaperig zelfs. Op een gegeven moment beschouw je het als compleet normaal.

Dan trekt plotseling de wind aan en ontstaat er deining. De eerste kleine golf komt als een schok. Uitslagen die op andere momenten als volstrekt normaal aangevoeld zouden hebben, voelen nu gevaarlijk. Als voorbodes van een grote storm. Maar wat je in je slaapstand even bent vergeten is dat bij zeilen op de Noordzee golven de norm zijn. Zonder deining ook geen avontuur als beloning.

Op de beurs is het niet anders. Half in slaap gesust door een lange periode van langzaam omhoog kabbelende koersen, kwamen de golven begin februari voor velen als een schok. We hebben verdrongen dat zulke golven volstrekt normaal zijn. Dat acceptatie van volatiliteit precies de reden is dat je als belegger in aandelen op de lange termijn beter wordt beloond dan als je je geld op je spaarrekening laat staan.

Zodra golven de boeg laten dansen, doe je er als zeiler verstandig aan om je boot even goed na te lopen. Liggen de schoten niet in de knoop? Zwerven er nog dingen in de kuip die even vastgezet moeten worden?

Ook voor beleggers is aantrekkende volatiliteit misschien een geschikt moment om je portefeuille door te lichten Is de verdeling nog wel in lijn met je doelstellingen? Ben je in je enthousiasme, of uit frustratie over de lage rente, niet te veel naar risicovolle beleggingen opgeschoven? Het is niet te laat om daar goed over na te denken en eventueel aanpassingen te maken.

Wat je in beide gevallen niet moet doen? Meteen van boord springen, omdat je bent vergeten dat deining normaal is.

We wensen je veel financiële rust, 

Marius en Jolmer

Kat op spek

Je zit tevreden op de bank. Vanmorgen ben je eindelijk echt begonnen met gezonder eten en dat is warempel heel goed gegaan. Je hebt niet gesnoept, geen suiker in je koffie gedaan en net een berg broccoli naar binnen gewerkt. Veel makkelijker dan je had gedacht! ­

Maar wat hoor je daar uit de keuken? Uit de onderste la klinkt de lokroep van een zak chips, een pak koekjes, die laatste reep chocola. Het eerste half uur kun je het verleidelijke gezang van de snoep Sirene nog weerstaan, maar dan ga je voor de bijl. Je neemt eerst één hapje, dan een tweede. Voor je het weet is de hele zak leeg, het pak op of de reep verdwenen.

Lange tijd dachten psychologen dat dit een probleem van wilskracht was. Gewoon een beetje meer discipline ontwikkelen en je blijft je verleidingen de baas. Maar dat beeld is achterhaald.

Wat ons verleidt verschilt per persoon, maar één ding hebben we gemeen: als die verleiding constant als een wortel voor onze neus blijft bungelen, geven we er uiteindelijk aan toe. 

Als je je gedrag wilt veranderen moet je er dus voor zorgen dat je je verleidingen zo min mogelijk tegenkomt. Je omgeving verander je namelijk makkelijker dan jezelf. Gezond eten begint daarom in de supermarkt, want als je de verboden vrucht eenmaal in huis hebt, eet je haar vroeg of laat op. En als je minder in je telefoon wilt kruipen, hou hem dan niet in je broekzak maar leg hem weg. Liefst in een andere kamer.

Voor beleggen geldt hetzelfde. Als je je hebt voorgenomen zo weinig mogelijk aan je portefeuille te sleutelen, luister dan niet teveel naar het gekakel van de financiële experts, die je vertellen dat de waardering van de beurs nu echt veel te hoog is, of dit jaar juist nog minstens 30% gaat stijgen. Zet liever een leuke podcast op of pak een lekker boek. Dat is beter voor je portefeuille en je gemoedsrust. 

We wensen je veel financiële rust, 

Marius en Jolmer

De Luie Portefeuille

Het zal onze Calvinistische inslag zijn dat ons van kinds af aan wordt ingepeperd dat we hard moeten werken om iets te bereiken. Wie lange weken maakt, heeft een glanzende carrière. Wie afziet in de sportschool, kan pronken met een afgetraind lichaam. Filosoof Max Weber zag deze rusteloze drang naar actie zelfs als drijvende kracht achter het kapitalisme.  

Over de vraag of het kapitalisme een zegen is, verschillen de meningen. Maar er zijn genoeg activiteiten waar ‘hard je best doen’ juist averechts werkt. Zoals een boek schrijven: inspiratie komt niet door intens naar je scherm te staren, maar door jezelf in de juiste gemoedstoestand te brengen.

Volgens Aldous Huxley, auteur van de klassieker Brave New World, bereik je dit via de ‘law of reversed effort’. Een lange wandeling, een glas wijn of een goed gesprek met vrienden zijn de beste manier om de creatieve kraan open te draaien. 

Ook beleggen valt onder de wet van Huxley. Sleutel voortdurend aan je portefeuille en de kans is groot dat je rendement lager uitvalt dan als je bijna niets had gedaan. Continu in- en uitstappen zorgt voor veel onrust en kost geld. Maar nietsdoen druist in tegen onze intuïtie en de financiële industrie wakkert die neiging tot handelen graag aan met een nieuwsstroom vol buitenkansjes en nakende rampen die onze onmiddellijke actie vragen.

Onze suggestie voor 2018: denk aan Huxley’s ‘law of reversed effort.’ Bouw een luie portefeuille met één obligatiefonds en één wereldwijd gespreid aandelenfonds met lage kosten. Geniet van het leven, stop je tijd in zaken waar energie en aandacht zich wel terugbetalen en laat je portefeuille in alle rust zijn werk doen. Na 10 tot 20 jaar is je plek bij de beleggingselite vrijwel gegarandeerd. 

En vermogensbeheerders? Die kunnen uitstekende sparringpartners zijn bij je financiële planning en als vertrouwenspersoon je impuls tot actie helpen te beheersen. Je luie portefeuille doet de rest. 

We wensen je veel financiële rust, 

Marius en Jolmer